Zeeuws Energieakkoord

Bij de verbranding van dit kleur- en reukloze gas komen bijna geen vervuilende stoffen vrij, alleen water. Waterstof wordt nu al gebruikt in de industrie, met name in de chemische sector en om kunstmest te produceren. Ondanks dat het een groene brandstof kan zijn, zullen er in de nabije toekomst nog niet op grote schaal auto’s op waterstof rondrijden.

Wat is waterstof?

Waterstof komt van nature niet op aarde voor. Het moet geproduceerd worden, net als bijvoorbeeld elektriciteit. Dat kan op twee manieren: door aardgas te verhitten of door elektrolyse toe te passen op water. De eerste manier kan zogenoemde grijze of blauwe waterstof opleveren. Bij deze methode komen nog steeds broeikasgassen vrij. Zo is de Zeeuwse waterstofproductie jaarlijks verantwoordelijk voor een CO2-uitstoot van 4 miljoen ton. Bij de productie van groene waterstof komen geen vervuilende stoffen vrij, vooropgesteld dat de stroom die wordt gebruikt bij de elektrolyse met wind- of zonne-energie is opgewekt.

Waarvoor wordt waterstof gebruikt?

Waterstof wordt momenteel alleen gebruikt in de industrie. Iets meer dan de helft van de Nederlandse waterstof wordt gebruikt voor de productie van ammoniak, dat weer een belangrijke grondstof is voor kunstmest. De overige 40 procent gaat naar het raffineren van aardolie en methanolproductie.
In principe kan waterstof aardgas vervangen als verwarmer van woningen. De bestaande gasleidingen moeten daarvoor worden aangepast, net als de HR-ketels. Ook zouden in de toekomst auto’s op waterstofgas rond kunnen rijden in Nederland, in plaats van benzine of diesel. Met de waterstof in de tank wordt elektriciteit opgewekt, die op zijn beurt de batterij van de elektromotor oplaadt. Personenauto’s op waterstof kunnen momenteel zo’n 600 kilometer rijden op ongeveer 6 kilo brandstof.
Tot slot kan waterstof worden gebruikt om CO2-vrije elektriciteit te produceren, bijvoorbeeld in een grote centrale, en om energie te transporteren. Zo zou bij grote windparken op zee waterstof kunnen worden opgewekt met behulp van elektrolyse, waarna het op land direct wordt gebruikt of wordt opgeslagen.

Waarom gebruiken we waterstof nog niet in het dagelijkse leven?

Er zijn een aantal redenen waarom waterstof nog niet (uitgebreid) wordt ingezet voor bovengenoemde toepassingen. De voornaamste: er is nog geen noodzaak voor en er zijn nog voldoende alternatieven voorhanden. Omdat er veel duurzame energie nodig is voor de productie van waterstof, is het beter om deze elektriciteit direct te gebruiken, in plaats van het overzetten (met hoge energieverliezen) in waterstof.
Daar komt bij dat het Klimaatakkoord het gebruik van aardgas voor de productie van elektriciteit of warmte nog niet aan banden legt. Daarmee is een rol van waterstof in bijvoorbeeld het verwarmen van huizen voorlopig nog niet aan de orde.
Verder is de productie van alle soorten waterstof duur. De technologie is bovendien nog niet voldoende ontwikkeld om groene waterstof efficiënt in te kunnen zetten. Bij het omzetten van elektriciteit in waterstof gaat nog veel energie verloren.
De schaarste van duurzame energie speelt hier ook een rol in. Het aandeel wind- en zonne-energie in de totale elektriciteitsproductie in Nederland is nog beperkt. Het grootschalig omzetten van dit schaarse aanbod in waterstof, waarbij een groot deel van de energie verloren gaat, ligt dus niet voor de hand.

Wat doet waterstof in Zeeland?

In Nederland neemt de provincie Zeeland de helft van de waterstofproductie voor haar rekening: zo’n 450.000 ton per jaar. Deze productie vindt met name plaats in de Kanaalzone (rondom het kanaal Gent-Terneuzen) en het Sloegebied (de havens en industrie ten oosten van Vlissingen). Daarmee is Zeeland een waterstofhotspot in Nederland.
In het Klimaatakkoord zijn verschillende toepassingen opgenomen waarvoor waterstof op termijn geschikt moet zijn. Dit beleid is voor de provincies, en dus ook voor Zeeland, vastgelegd in een Regionale Energiestrategie. De zogenoemde waterstofladder is hierbij leidend, en dan met name de bovenste drie treden van deze ladder.

Absolute prioriteit voor de provincie is dat waterstof dé CO2-vrije grondstof moet worden voor de procesindustrie (zoals raffinage, chemie, maar ook de hoogovens). Daarvoor moet groene waterstof worden geproduceerd of geïmporteerd. Om zelf in de behoefte aan groene waterstof te voldoen, zet Zeeland in op een grootschalige elektrolysefabriek.

Voor diezelfde procesindustrie moet waterstof een manier worden om temperaturen boven de 600 graden Celsius te kunnen behalen, zonder dat daar CO2 bij vrijkomt. Tot slot is het op termijn noodzakelijk dat waterstof wordt gebruikt om duurzame elektriciteit op te slaan. Zeeland ziet hier met name na 2030 kansen voor, maar zal waar mogelijk erop anticiperen om dit eerder te bewerkstelligen.